eHighway laadt vrachtwagens al rijdend op

In Duitsland doet Siemens op snelwegen praktijkproeven met de eHighway, de elektrische snelweg, waar elektrische trucks via een bovenleiding worden opgeladen. Op uitnodiging van het ministerie van IenW werd de Unit Innovatie op 11 november in Den Haag bijgepraat over de stand van zaken.

Het vergroenen van de transportsector is een uitdaging van formaat, zeker omdat alle prognoses voor de komende jaren wijzen op een fikse groei van het vrachtverkeer. Siemens denkt een voornaam wapen te hebben gevonden in het terugdringen van de CO2-uitstoot: de eHighway. Op uitnodiging van het ministerie van IenW (Unit Innovatie) hield Siemens op 11 november in Den Haag een presentatie over de ‘elektrische snelweg’, die inmiddels onderdeel is van het Duitse klimaatplan.

Namens het Bundes Ministerium für Umwelt schetste Markus Becker hoe hoog de Duitse nood is om de CO2-uitstoot te beteugelen: ‘De transsportsector moet 40 procent minder CO2 uitstoten dan in 2018, dat is immens.‘

Die opgave liet Becker volgen door het presenteren van een aantal opties (meer transport per trein, waterstof, gas) die achterhaald, logistiek onhaalbaar of te duur zijn om aan de Duitse klimaatdoelstellingen te voldoen. Volgens Becker heeft BDI, het Bundesverband der Deutschen Industrie, het plan voor de eHighway al omarmd omdat het relatief goedkoop en realistisch is. Autofabrikant Scania is al bezig om z’n trucks eHighway-proof te maken – de eerste vijftien exemplaren zijn half november opgeleverd.

Pilotprojecten

De eHighway is geen verre toekomstmuziek: er zijn al drie pilotprojecten op echte snelwegen, tussen het gewone verkeer. En Duitsland is niet het enige land dat potentie ziet in de elektrische snelweg. Onze oosterburen werken samen met Zweden (zie ook www.electricroads.org), terwijl Siemens eerder in 2017 in de VS al een proeftraject startte.

Variant

In een heldere presentatie liet Hasso Grünjes, hoofd van de afdeling eHighway van Siemens, vervolgens zien hoe de elektronische snelweg werkt en wat daarvoor nog moet gebeuren. Simpel gesteld werken de trucks als een moderne variant op de trolleybus: hybride trucks worden via een bovenleiding opgeladen. De hybride vrachtwagens worden uitgerust met een combinatie van elektrische en dieselmotoren. Op de eHighway krijgen ze via de bovenleiding stroom, die deels in de accu’s wordt opgeladen. Eenmaal in de stad kunnen ze ook elektrisch blijven rijden dankzij de volle accu’s. Mocht de accu toch leegraken, dan biedt de dieselmotor redding.

Meest in het oog springende – en misschien wel meest kwetsbare – onderdeel dat nodig is voor de eHighway is de pantograaf, de constructie op de truck die contact maakt met de bovenleiding. Volgens Siemens kan de pantograaf kan eenvoudig in- en uitklappen, zodat vrachtwagens ook op de eHighway kunnen inhalen en naar links en rechts kunnen sturen. Het principe kan ook worden toegepast op zelfrijdende trucks.

Laadzuilen

Volgens Grünjes is het relatief simpel om bestaande trucks om te bouwen, zodat ze kunnen worden opgeladen op de elektrische snelweg. Hij wees op nog een ander voordeel: met een relatief klein aantal laadzuilen kunnen veel trucks al rijdend worden opgeladen. Dat is veel efficiënter dan iedere truck uitrusten met een enorm accupakket. Grünjes: ‘We weten nu al niet waar we alle batterijen vandaan moeten halen, dit is een manier om het gebruik van batterijen te optimaliseren.’ Het onderhoud voor de eHighway kan gewoon worden opgenomen in het reguliere wegprogramma.

Netwerk

De BDI heeft zich dus al achter de elektrische snelweg geschaard: de federatie adviseert de Duitse rijksoverheid 4000 tot 8000 kilometer van de Autobahnen ‘bovenleiding-proof’ te maken, waarmee zo’n 80 procent van de beoogde CO2-reductie kan worden gehaald. Uiteindelijk zou er een nationaal netwerk moeten uitrollen, dat verder kan groeien met internationale corridors. Het is overigens niet nodig om elke kilometer te elektrificeren om de accu’s voldoende op te laden. Volgens Siemens moet het mogelijk zijn om binnen 10 jaar heel Duitsland te coveren.

Kosten

In Nederland is de eHighway nog nagenoeg onbekend. Dat zou best eens snel kunnen veranderen, bleek uit de reacties in de zaal. Zeker toen de kosten ter sprake kwamen. Het Duitse ministerie van Transport heeft becijferd dat de aanleg van één kilometer elektrische snelweg (in beide richtingen) 2,26 miljoen euro kost. Dat lijkt misschien veel geld, maar afgezet tegen de kostenreductie per vrachtwagen (16.000 euro per jaar bij een 4-tonner) en de fikse milieuwinst komt dat bedrag in een ander daglicht te staan, zo vonden de aanwezigen. Ook in Duitsland klinkt dat geluid. Grünjes becijferde dat 4000 kilometer eHighway kan worden gefinancieerd met 11 procent van de verwachte Duitse tolopbrengsten.

Veelbelovend

Onder de toehoorders klonk na afloop van de presentatie het woord ‘veelbelovend’ het vaakst. Toch is het geen uitgemaakte zaak dat de elektrische snelweg er ook komt, gaf ook Grünjes toe. Ten eerste zijn er de supporters van waterstof (ook Siemens neemt initiatieven op dat gebied, maar de kostprijs per kilometer van waterstof is vele malen hoger dan elektrisch), terwijl veel (auto)fabrikanten wachten met investeren tot ze weten welk initatief gaat ‘winnen’. Verladers zien zeker wel de potentie. Grünjes: ‘Zij zien ook de noodzaak en willen graag meedoen, vooral omdat ze veel kosten besparen.’

Praktijk

Er zijn ook andere beren op de weg: nog onbekend is hoeveel Europese landen de elektrische snelweg zullen omarmen. En, zo vertelde Grünjes na zijn presentatie: ook menselijke emoties kunnen een rol spelen. Uit de praktijkproeven in Duitsland blijkt het niet meevalt om iedereen te overtuigen: sommige mensen hebben bij de aanblik van een pantograaf direct de associatie met de trolleybus (‘ouderwets’) en er zijn mensen die het initiatief niks vinden omdat zij de pantograaf/het systeem te ‘lelijk’ vinden.

Bij het informele gedeelte van de bijeenkomst ging het, naast de Duitse ervaringen, over de Nederlandse situatie en klimaatdoelstellingen. Daar ontstonden ook voorzichtige ideeën om de Duitse cijfers naar de Nederlandse context om te rekenen.